Spiegelwoord

Wisten jullie dat ‘moord’ het omgekeerde is van ‘droom’?

Denk daar maar eens overna. 

Advertenties

Mannen en vrouwenwc’s

Ik weet het niet meer.

Maar ik weet wel dat als ik in een rij sta met vijf vrouwen voor mij en drie vrouwen achter mij, ik zo snel mogelijk naar de wc wil. Want waarom sta ik anders in die rij? En dan zijn er twee wc’s: een wc speciaal voor mannen en een wc speciaal voor vrouwen. En wij, de rij met vrouwen, wachten braaf tot we om de beurt die ene wc bezetten. Terwijl daarnaast nog een lege wc is, waar af en toe dan toch een man op glipt.

De man in kwestie loopt langs de dames, gaat de wc binnen en doet meteen zijn behoefte. Terwijl wij op onze beurt wachten. Sommige mannen kijken dan een beetje beschamend, dat zij de rij voorbij lopen met een privilege van ‘man zijn’. HALLO daar is hij mee geboren, daar heeft hij helemaal niets voor hoeven doen hoor!

Terecht dat die mannen met zo’n beschaamde blik naar ons kijken. Het is ook niet eerlijk. Het voelt een beetje zoals in de rij van een pretpark. Ken je dat? Er is nu in Walibi, Slagharen, Hellendoorn, Efteling -ergens!- een ticket waarmee je de hele rij kan passeren en als een van de eerste in een karretje mag gaan zitten. ALS JE MAAR MEER BETAALT. Sowieso een heel belachelijk idee, concept en uitvoering. Schandalig zelfs. 

En dan in de wc-vorm. Iedereen op hun telefoon of chagrijnig zuchten. Geen gesprek mee te voeren, dat zou het wachten misschien nog wat leuker maken.

Goed, ik vind mannen- en vrouwenwc’s onzin. Maak het gewoon unisex. Of vrouwen: Ga je gewoon op die mannenwc. (en mannen, rond 2u in de nacht in de kroeg staan jullie in de rij. Ga dan op de vrouwenwc. Bril wel weer naar beneden!) Aju.

Waarom je beter niet voor de stiltecoupé kan kiezen

Iedere keer als ik de trein in stap ben ik mij bewust van de stiltecoupé. En waarom je deze beter kunt vermijden voor een gelukkiger leven.

Soms, vooral ’s ochtends, wil ik stilte en geen hijgende, bellende, schreeuwende, kakelende mensen naast of voor mij hebben. Achter mij trouwens ook niet. Nee, het liefst zit ik dan in een vier-zits, aan het raam. Rustig naar buiten te kijken en in mijn eigen bubbel wakker worden en zodra ík daar klaar voor ben, om buiten die bubbel te treden.

De stiltecoupé is ideaal. Het is er stil. Klinkt als een grandioos succes en vaak is dat het ook. Maar ik las een keer een stuk (wanneer, van wie en in welke vorm weet ik niet meer) en daar moet ik vaak aan denken als ik in een stiltecoupé zit en er wordt gepraat. Eigenlijk denk ik er ook aan als er niet wordt gepraat. En ik denk er ook aan als ik niet in een stiltecoupé zit maar in een normale coupé. En nu denk ik er ook aan, terwijl ik helemaal niet in een trein zit.

De kern van het stuk was namelijk dat je beter niet in een stiltecoupé kan zitten. Omdat je verwachtingen hebt en die verwachten kunnen tegenvallen, terwijl je in een andere coupé geen verwachtingen hebt en het juist mee kan vallen.

Ik vind dat een ontzettend interessante kwestie en ik neem mijzelf graag als proefpersoon.

Zo is het INDERDAAD dat ik lichtelijke ergernissen voel als men praat in een stiltecoupé. Wat ik dan redelijk snel los kan laten en als ze echt woest hard praten kan en wil ik er nog wel eens iets van zeggen. Waar ik dan enorm van kan genieten zijn de mensen die zich openlijk ergeren, geforceerd (achterom) kijken met een boze blik en hard zuchten. Om vervolgens zich de hele weg op te vreten aan hun frustraties maar nul verbale communicatie aangaan met desbetreffende geluidsmakers (maar ja hè, het is een stiltecoupé dus communiceren gebeurt ook non-verbaal.)

Kun jij je al een beetje verplaatsen in deze gedachte?

Iedere keer als je in een stiltecoupé plaats neemt, verwacht je en hoop je dat het er stil is. Eigenlijk ga je er vanuit, terecht. Maar er hoeft maar 1 trilling te zijn die de oren opvangen, en het is een leugen.

Ja, eigenlijk hoort iedereen zich er aan te houden, want wij hebben afgesproken dat het in de stiltecoupé ‘echt stil is’, zoals NS zelf ook zegt op de felle schermen aan de muur. Maar niet iedereen blijkt zich hier iets van aan te trekken, of überhaupt op te merken dat het een stiltecoupé is.

Enfin, ik ga het liefst in een normale coupé zitten en geniet ervan als het stil is. En ik geniet er ook van als er mensen een beetje ouwehoeren, want dat kan heel geestig zijn.

Veganisme bij katten

Zijn er katten die veganist of vegetariër zijn?

Nee, natuurlijk niet. Katten willen gewoon eten en denken niet na over waar het vandaan komt en of er ethische verantwoordelijkheden voor zijn.

Fout!

Neem Hans, hij eet geen vlees. En ik weet niet of het een bewuste keuze is van hem, eigenlijk weet ik helemaal niet wat er in hem om gaat.

Hij geeft de voorkeur aan groene planten, waar hij op sabbelt en op kauwt. Nee, vlees doet hem niet zoveel. Een hapje van een peer, nipje van wat bloemkool, daar moet hij het van hebben.

Rosbief, eieren, kip, alles wat ik over heb of ze gewoon eens wil verwennen, daar haalt hij zijn neus voor op. Liever een glaasje water en wat zonnebloempitten.

Misschien hint hij zelfs wel naar het veganisme.

Ik zal maar niet tegen hem zeggen dat er in de brokjes vis zit verwerkt en geen groenten en granen. De brokjes eet hij wel. Misschien is hij wel flexinist.

En het is niet logisch, door wat ik eerder al zei, maar toch. Ik maak hem iedere dag mee, en hij weigert vlees. Als ik een heerlijk stukje rauwe biefstuk in mijn vingers houd, waar het bloed vanaf druipt, wil hij het niet. Nee, hij ruikt even en draait zich om. Poging om het toch lekker te maken voor hem, misschien is hij gewoon kieskeurig, dus bak ik het, eerst rare, dan medium en ook nog well-done. Niets, hij moet er niets van hebben!

Dan settel ik mij op de bank met mijn bordje couscous, teniet geslagen door de ingewikkelde gedachtegang van mijn kat. En daar is Hans. Kijkend naar mijn bordje.

Begroeting

Buschauffeurs begroeten elkaar als ze elkaar voorbij rijden. De hele dag door. Ook al komen ze elkaar zes keer tegen, ook al rijden er zes bussen achter elkaar.

Ik vind dat mooi.

Net zoals motorrijders elkaar gedag zeggen (niet letterlijk) als een motorrijder een andere motorrijder ziet. Geen brommers, die tellen niet.

Of hardlopers, even een high five of een lach, een samenhorigheid. Joe joe!

Ik vind dat mooi.

Als ik aan het wandelen ben, met m’n wandelschoenen, rode sokken en tas met stokken en tent -weet ik veel- en ik kom iemand tegen die net zo bezweet en baalt van die tas, dan is dat even samenhorigheid. Even een hallo, misschien zelfs een praatje. Een korte ervaring van bij welke plek je echt niet je tent op moet zetten en waar je een heerlijk bakkie kan drinken uit de wind.

Geweldig.

Als je op straat loopt, neem een winkelstraat, en je zegt hallo tegen iemand, of je lacht, denken mensen dat je iets van hen moet. Dat je gek bent geworden.

Maar de kleine groepen die iets delen, daar is het geaccepteerd. Daar is het leuk. Daar is het mooi. En dat vind ik mooi.

Fietsers begroeten elkaar ook, maar PAS OP, want van het begroeten van dagjes mensen met Human Nature unisex windjassen kun je van een koude kermis thuis komen. (Ik denk dat kermismensen elkaar ook wel begroeten, of is daar rivaliteit?)

Leuk hè.

Zwanen

Zwanen blijven hun hele leven bij elkaar, heb ik gehoord.

Zouden zij of nooit ruzie hebben, of een goede manier gevonden hebben om irritaties te bespreken en of te voorkomen? Of zijn zwanen de winnaars in accepteren zoals het is?

“Schat, ga even zitten, ik moet met je praten.”
“Natuurlijk lieverd, wat is er aan de hand?”
“Ik merk dat ik het vervelend vind om hier in deze poel te blijven.”
“Ok, ja en wat stel jij voor?”
“Ik wil graag een stukje vliegen naar een ander watertje.”
“Ok, goed dat je dat uitspreekt.”
“Ja. Ik weet ook dat jij het hier naar je zin hebt.”
“Klopt, ik zou graag wat langer hier blijven.”
“Zullen we dan afspreken om nog vijf dagen hier te blijven en dan te vertrekken?”
“Dat vind ik een mooie compromis.”
“Ok mooi. Fijn dat we dit besproken hebben.”
“Ja, heel fijn. Kus.”
“Kus.”